Home > Aansprakelijkheid algemeen > Productaansprakelijkheid: schade
Productaansprakelijkheid: schade

Productaansprakelijkheid: schade

In een aantal artikelen op deze kennispagina is op enkele basiselementen van de productaansprakelijkheidsregels van boek 6, titel 3, afd. 3 BW (artikel 6:185 ev) ingegaan.
Aan de orde kwamen onder andere de begrippen product, producent en gebrek. In dit artikel komt de vraag aan bod welke schade in het kader van de productaansprakelijkheidsregeling kan worden gevorderd

Limitatieve opsomming

De schade waarvoor volgens de productaansprakelijkheidsregels aansprakelijkheid bestaat, wordt limitatief opgesomd in artikel 6:190 BW. Dit betreft
a. personenschade: namelijk schade door dood of lichamelijk letsel;
b. specifieke zaakschade, te weten schade die door het product is toegebracht aan een andere zaak die gewoonlijk voor gebruik of verbruik in de privésfeer is bestemd en door de benadeelde ook hoofdzakelijk in de privésfeer is ge- of verbruikt .

Zuivere vermogensschade, bijvoorbeeld door het niet kunnen gebruiken van het product, valt niet onder deze opsomming. Ook zaakschade van bedrijven valt in Europa buiten de productaansprakelijkheidsregels. In de Verenigde Staten is dat anders.

Personenschade

Voor de bepaling van de omvang van de schadevergoeding blijft afdeling 6.1.10 bepalend. In die afdeling worden niet alleen de aanspraak van het slachtoffer zelf geregeld, waaronder de vordering tot materiële en immateriële schadevergoeding, maar wordt de kring van gerechtigden bovendien uitgebreid naar derden (artikel 6:107 en 6:108 BW). Ook een beroep op de eigen schuld van de benadeelde op grond van artikel 6:101 BW is in het kader van productaansprakelijkheid mogelijk.

Zaakschade

Ten aanzien van de zaakschade (in de privésfeer) is een franchise (een ‘drempel’) van € 500,– opgenomen. Als de schade boven die drempel uitkomt, komt de schade in het geheel voor vergoeding in aanmerking. Deze ‘drempel’ wordt in verschillende lidstaten van de Europese Unie die de richtlijn productaansprakelijkheid hebben geïmplementeerd anders uitgelegd. Zo is er in Duitsland geen sprake van een ‘drempel’, maar van een ‘eigen risico’. Een klein voordeeltje dus voor de Nederlandse benadeelden van een gebrekkig product.

Voorbeeld

Tot slot een voorbeeld: een fysiotherapeut koopt een behandelbank. Bij het behandelen van een patiënt stort de bank in. De fysiotherapeut en de patiënt raken gewond. De bank en de linoleumvloer zijn ernstig beschadigd. Welke schade valt onder de productaansprakelijkheidsregels?

De letselschade van de therapeut en de patiënt vallen daar in ieder geval onder. Schade aan de vloer van de fysiotherapiepraktijk niet, want dit is geen zaak die in de privésfeer wordt gebruikt.

Ook schade aan de behandelbank zelf valt niet onder de in artikel 6:185 ev BW neergelegde regeling. De voor vergoeding in aanmerking komende zaakschade ziet op schade aan andere zaken dan het gebrekkige product. Schade aan dat product (ook wel transactieschade genoemd) zal de benadeelde fysiotherapeut dus op een andere grondslag moeten verhalen, zoals op basis van wanprestatie of onrechtmatige daad. Wanneer het (anders dan bij deze fysiotherapeut) gaat om een consument, komen ook de bepalingen over consumentenkoop in aanmerking komen. Zoals ook in het kennispagina artikel over de producent is toegelicht, hebben de productaansprakelijkheidsregels geen exclusieve werking. In artikel 6:193 BW is expliciet bepaald dat de productaansprakelijkheidsregels aansprakelijkheid op andere gronden niet uitsluiten.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Scroll To Top