Home > Aansprakelijkheid algemeen > Bent u producent in de zin van de productaansprakelijkheidsregelgeving?
Bent u producent in de zin van de productaansprakelijkheidsregelgeving?

Bent u producent in de zin van de productaansprakelijkheidsregelgeving?

Voor de in boek 6, titel 3, afd. 3 BW (artikel 6:185 ev) neergelegde ‘zuivere productaansprakelijkheid’ moet voldaan zijn aan diverse elementen. Zo moet het gaan om een specifiek product, schade door een gebrek aan dat product, en moet het gaan om specifieke schade. Wanneer aan alle elementen is voldaan (en de ‘tenzij’ regel van artikel 6:185 BW niet opgaat) kan de producent worden aangesproken. Maar wanneer bent u producent, en waarom is van belang scherp te hebben of u producent bent, of wellicht juist een ander in de keten als producent kan worden aangemerkt?

Het begrip ‘producent’

In beginsel wordt de aansprakelijkheid naar de producent gekanaliseerd. Dat zien wij bijvoorbeeld in de regels over consumentenkoop (artikel 7:17 jo 7:24 BW). Ten aanzien van de productaansprakelijkheid is in artikel 6:187 lid 2 t/m 4 BW geregeld wie als producent van een eindproduct kan worden aangemerkt.

Het begrip producent wordt daarbij ruim geïnterpreteerd. Hieronder vallen:
• de fabrikant van
– een eindproduct,
– grondstof of
– een onderdeel.
Ook een assemblagebedrijf kan hier onder vallen. Het moet gaan om werkzaamheden die typisch behoren tot het distributiekanaal. Bij ondergeschikte aanpassingen is daarvan geen sprake. Een autodealer is bijvoorbeeld geen fabrikant.
• de ‘naamgever’.
Dat is een ieder die zich als producent presenteert door naam, merk of een ander onderscheidingsteken op het product te plaatsen. Dit wordt ook wel de ‘quasi producent’ genoemd. Dit zien wij bij ‘private labels’/huismerken.
• Daarnaast wordt een ieder die een product in de Europese Economische Ruimte brengt om te verstrekken in het kader van zijn commerciële activiteiten als producent beschouwd.
Het betreft alleen de zogenoemde ‘buitenimporteur’. De ‘binnenimporteur’, dus degene die het product vanuit een andere EU Lidstaat importeert, valt hier niet onder.

Let wel: het betreft alleen beroeps- of bedrijfsmatige producenten (zie artikel 6:185 lid 1 onder c BW). Dat wil zeggen dat het moet gaan om:
• verspreiding met een economisch doel, of
• vervaardiging of verspreiding in het kader van de uitoefening van een beroep of bedrijf.

Een overheidsbedrijf kan hier bijvoorbeeld ook onder vallen.

Producent onbekend?

Om te voorkomen dat aansprakelijkheid wordt ontgaan door producten in het verkeer te brengen zonder traceerbare herkomst, wijst lid 4 van artikel 6:187 BW de leverancier aan als laatste verhaalsmogelijkheid voor de schadelijdende partij. Wanneer niet kan worden vastgesteld wie de producent is, wordt iedere leverancier als producent beschouwd.

Ook wanneer de hiervoor genoemde ‘buitenimporteur’ onbekend is, kan de benadeelde zo zijn vordering eenvoudig binnen de EU te gelde maken tegen degene van wie hij het product geleverd heeft gekregen.

De aansprakelijkheid van de leverancier vervalt echter zodra hij binnen een redelijke termijn de identiteit onthult van zijn voorman of van de producent. In principe moet de voorman altijd aanwijsbaar zijn, zie ook de traceerbaarheidseis zoals deze is neergelegd in overweging 29 en artikel 18 van de Algemene Levensmiddelenverordening (178/2002). Daarin is vastgelegd dat levensmiddelen- en diervoederbedrijven, met inbegrip van importeurs, ten minste het bedrijf moeten kunnen identificeren dat (een stof gebruikt in) het levensmiddel of diervoeder heeft geleverd.

Kortom: wanneer u als leverancier wordt aangesproken, dan dient u ‘binnen een redelijke termijn’ de identiteit van de daadwerkelijke producent of van uw ‘voorman’ aan de benadeelde meedelen. U kunt de benadeelde dan letterlijk naar een ander verwijzen, en de aansprakelijkheid dus ‘afschuiven’.

Maar als die voorman of producent geen verhaal biedt? Dan nog bent u als leverancier niet op grond van de productaansprakelijkheidsregelgeving aansprakelijk wanneer u binnen een redelijke termijn de identiteit onthult van uw voorman of van de producent. Dat de aansprakelijkheid van de leverancier dan vervalt, is vanuit het oogpunt van consumentenbescherming wellicht wonderlijk te noemen, maar de ratio ligt hierin dat de leverancier gezien wordt als restcategorie waarop de benadeelde de schade kan verhalen. Doorgaans kan de leverancier (bijvoorbeeld de detaillist) geen invloed uitoefenen op de wijze waarop het product wordt vervaardigd.

Ten aanzien van deze ‘afschuifmogelijkheid’ gelden drie kanttekeningen:
1. Deze mogelijkheid om de benadeelde naar een ander te verwijzen geldt niet voor de naamgever van het product, en evenmin voor de fabrikant.
2. Er gelden specifieke regels voor de ‘buitenimporteur’ .
3. De ‘afschuifmogelijkheid’ sluit de aansprakelijkheid van de leverancier op basis van andere gronden niet uit. Dat laatste is expliciet bepaald in artikel 6:193 BW.
Er blijven wel mogelijkheden om de leverancier aansprakelijk te stellen (bij voorbeeld op basis van wanprestatie of onrechtmatige daad), maar dan zal de benadeelde schuld van de leverancier moeten bewijzen. Bij de productaansprakelijkheidsregels van artikel 6:185 ev. BW hoeft geen schuld te worden aangetoond: dat betreft een risicoaansprakelijkheid.

‘Afschuiven’, maar naar wie?

Vooral bij een private label of huismerk is de vraag van belang naar wie de aangesproken leverancier (meestal de winkelier/detaillist) ‘afschuift’. Huismerken zien we niet alleen bij food (met name supermarkten), maar ook bij non-food (zoals cosmetica, mobiele telefonie, elektrische huishoudelijke apparaten, en machines van doe-het-zelf winkels).

De winkelier (bijvoorbeeld de franchisenemer of filiaalhouder van een supermarkt) is doorgaans niet de naamgever van het product. De naamgever van het huismerk is dan de coöperatie, het moederbedrijf c.q. de franchisegever. De winkelier/detaillist kan de benadeelde verwijzen naar:
– de naamgever of
– de daadwerkelijke fabrikant

Wanneer de winkelier de benadeelde verwijst naar de naamgever, kan de naamgever vervolgens niet ‘doorschuiven’ naar de fabrikant. Hij kan dat slechts als op het product duidelijk is gemaakt dat niet hij maar een ander de producent is. Indien een franchisenemer (de winkelier) naar de naamgever/franchisegever verwijst, zal hij in veel gevallen uiteindelijk toch degene zijn die de schade draagt: veel franchisecontracten bevatten namelijk bedingen die de franchisegever moet vrijwaren voor gedragingen van de franchisenemer. Een dergelijk vrijwaringsbeding kan dusdanig algemeen geformuleerd zijn dat de franchisenemer feitelijk dient in te staan voor zaken die hem niet vallen aan te rekenen. Soms zijn er zelfs specifieke vrijwaringsbepalingen in de franchiseovereenkomst opgenomen voor productaansprakelijkheid.

De winkelier-franchisegever zal er dan ook vaak belang bij hebben om de benadeelde te verwijzen naar de fabrikant. Deze kan de benadeelde vervolgens niet verwijzen naar de naamgever.

Conclusie: waarom scherp hebben of u ‘producent’ bent of iemand anders?

Iedere (adviseur van een) ‘producent’ in de zin van de productaansprakelijkheidsregelgeving van artikel 6:185 ev BW doet er goed aan niet alleen helder te hebben waarom hij als producent kan worden aangemerkt, maar daarnaar ook te handelen. In bepaalde gevallen kan de ‘producent’, zoals hiervoor is toegelicht, zich ontdoen van de risicoaansprakelijkheid van artikel 6:185 ev BW richting de benadeelde. In andere gevallen zal de ‘producent’ met zijn opdrachtgever of klant via contractuele bepalingen de draagplicht voor door zijn product veroorzaakte schade dienen te regelen.

Of, vertaald naar het hiervoor genoemde voorbeeld van het huismerk:
Bent u winkelier en bovendien franchisegever? Ga dan voordat u de benadeelde naar een andere partij verwijst, na of u de schade door een contractuele bepaling uiteindelijk alsnog op uw bordje krijgt.
Bent u fabrikant van een private label of huismerk? Houd er dan rekening mee dat de aangesproken leverancier/detaillist niet zijn voorganger (de naamgever) maar u aanwijst. U kunt de gevolgen daarvan mogelijk ondervangen door de verantwoordelijkheden van u en de naamgever goed contractueel vast te leggen (en dus ook met de naamgever vrijwaringsbedingen overeen te komen en/of mededekking onder diens polis af te dwingen).

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen